Eboli, Ruy Gomes de Silva, prins van

La Chamusca (Portugal), ca. 1516 – Madrid, 29 juli 1573

Portugees politicus aan het hof van Filips II

Biografie

Zoals zovele invloedrijke hovelingen ten tijde van Filips II was Eboli in 1526 meegekomen in het gevolg van Isabella van Portugal, echtgenote van Karel V. Hij was nog zeer jong en dankte zijn aanwezigheid vooral aan zijn grootvader, de majordomus van de nieuwe keizerin. In 1548 kreeg Eboli een belangrijke positie als tweede sommelier in de nieuw gevormde hofhouding van prins Filips, door de hertog van Alva ingevoerd naar Bourgondisch voorbeeld. Filips en de Portugese edelman werden zeer goede vrienden en eenmaal op de troon gekomen beloonde de nieuwe koning zijn jeugdvriend met de Napolitaanse titel van prins van Eboli. In 1572 ontving hij de titel hertog van Pastrana. In 1552 huwde hij de jonge Spaanse edelvrouwe Ana de Mendoza, maar het huwelijk zou pas geconsumeerd worden nadat Eboli in 1559 terugkeerde uit de Nederlanden, waar hij gedurende enkele jaren aan het hof van Filips II had verbleven.

Tot aan zijn dood in 1573 was Eboli de meest invloedrijke politicus aan het hof van de nieuwe koning. Hij was een ervaren en uiterst gewiekst politicus en hij lijkt niet teruggeschrokken te zijn voor rigoureuze maatregelen. Zijn faam en invloed bezorgden hem ondermeer de naam van ‘El Rey Gómez’, koning Gómez. Hij zou het ook zijn geweest die zijn rivaal Alva naar de Nederlanden had laten sturen. Hij was vermoedelijk eveneens direct betrokken bij de dood van markies Jan van Bergen en wellicht bij die van Floris de Montmorency, baron van Montigny.  

Rond zijn persoon ontwikkelde zich een factie, die naar hem die van de Ebolistas wordt genoemd. Behalve Spaanse edelen behoorden ook Nederlanders en Italianen tot de door de prins aangevoerde groepering. De reis door Italië, Duitsland en de Nederlanden in de jaren vijftig hadden Eboli de kans geboden een heus internationaal netwerk op te bouwen. Tot de factie van de prins behoorden diverse leden van de familie Mendoza, de markiezen van Los Vélez en Almazán. De hertog van Sessa en de latere kardinaal van Toledo Gaspar de Quiroga. Antonio Pérez, Francisco de Eraso en Juan de Escobedo waren koninklijke secretarissen die tot de factie behoorden. Ook Margareta van Parma en haar zoon steunden deze groepering. Tijdens zijn verblijf in de Nederlanden had hij contacten onderhouden met de graaf van Egmont.

De factie van de Ebolistas stond tegenover de hertog van Alva en diens kring, de Albistas genaamd. Hoewel de scheidslijn gebaseerd was op patronage en factiebelang, valt er met betrekking tot de ‘Guerra de Flandes’ wel een verschil te constateren. In principe stuurden de Ebolistas aan op vrede en vormden de Albistas de oorlogszuchtige groepering aan het hof. Maar er stonden ook oudere verschillen aan deze factiestrijd ten grondslag. Zo behoorden vele oud-Comuneros tot de factie van Alva, terwijl de tegenstanders van de opstand van de Comunidades hun plaats hadden gevonden in het kamp van de prins van Eboli.

Raymond Fagel

Literatuur

Diccionario de Historia de España (Madrid, 1952) I, 927-929

Libros, lectores y lecturas : estudios sobre bibliotecas particulares espanolas del Siglo de Oro / Trevor J. Dadson. - Madrid : Arco Libros, 1998. - 604 p. ; 22 cm. - (Instrumenta bibliologica). ISBN 84-7635-329-4

Philip of Spain / Henry Kamen. - New Haven [etc.] : Yale University Press, 1997. - XVI, 384 p., [12] p. pl. : ill. ; 24 cm Met lit. opg. en index. ISBN 0-300-07081-0 cl. ISBN 0-300-07800-5 pbk

The courtier and the King : Ruy Gomez de Silva, Philip II, and the court of Spain / James M. Boyden. - Berkeley [etc.] : University of California Press, cop. 1995. - X, 239 p. : ill. ; 24 cm. Met lit. opg. en index. ISBN 0-520-08622-8

José Martínez Millán, ‘Grupos de poder en la corte durante el reinado de Felipe II: la facción Ebolista 1554-1573)’, in: José Martínez Millán ed., Instituciones y elites de poder en la monarquía hispana durante el siglo XVI (Madrid, 1992) 137-197

J. García Mercadal, La princesa de Eboli (Barcelona, 1992)

Gregorio Marañón, Antonio Pérez (2 dln., Madrid, 1958)